dinsdag 23 februari
Vandaag om tien uur aanwezig zijn, twee uur dan gepland. Je gaat eerst al een mooi doosje knutselen met glitters voordat we aan de beurt zijn. Daarna met de arts praten, maar je wilt liever dat we eerst de vab aanprikken en dat we daarna gaan praten. Nou dat vind de arts helemaal prima. Jij hebt het voor het zeggen. Na de vab aanprikken mag je zelfs meehelpen met bloed afnemen. Je vind het ook fijn om zoveel mogelijk zelf te doen. En weer deed het helemaal geen pijn. Daarna door naar je bed voor je chemo. Ook moest je vandaag nuchter blijven omdat je om 13.00 een beenmergpunctie en lumbaalpunctie krijgt. Dus hebben we vanochtend al om half zeven een ontbijtje op bed voor je gemaakt. Maar toch klaag je nu steeds dat je zo n honger hebt. We gaan maar even wat spelletjes doen voor de afleiding, maar aangezien je nu een kort lontje hebt en enorme trek, ben je het niet zo eens met de spelregels en moet mama nu wel even tot tien tellen. Dan is het tijd om naar het odbc te gaan voor de punctie en je hebt maar zo'n zin in eten. Er zijn nog drie kindjes voor ons en zijn we om twee uur dan eindelijk aan de beurt. Tijdens de narcose doe je het weer super goed. Na zo'n tien minuten kom je alweer terug. Je bent tot nu toe altijd zo weer wakker. Je moet nog wel een uur plat liggen, maar op je zij krijg je het gewoon voor elkaar om twee broodjes pindakaas te eten en cup a soep met een rietje op te drinken. Dan om half vier naar huis. Het was een lange dag zo. Je bloedwaarden zijn nog steeds goed, maar de verpleegkundige zei al wel tegen me: dit blijft echt niet zo hoor, gaat echt wel veranderen en ze zal veel meer moe worden. Hmmmm, wil ik dit wel horen? Ik denk bij mezelf: bij Lis is het vast anders of hou ik mezelf voor de gek. In de auto val je in slaap en als je wakker wordt, heb je ineens erge last van je rug. Raar had je de vorige keren ook geen last van. Oma had al lekker het eten klaar, daarna gauw naar huis. Maar oh oh, je rug doet echt heel erg pijn, je weet niet hoe je moet lopen of staan. En dan moet je ook nog allerlei drankjes en pilletjes nemen. Maar je bent nu zo boos en verdrietig. Je wilt niet. Zo moeilijk om te zien dat we met z'n allen even moeten huilen. Gelukkig snap je wel dat je de pilletjes moet slikken en doe je het maar. Zo knap meid. Mama besluit je maar naar bed te doen het was ook een lange dag zo. Ik moet je vasthouden met de trap oplopen, het lukt je niet alleen. Poeh dit was even pittig. Gaat Lis dan nu toch echt meer last krijgen. Papa gaat 's avonds de hondjes nog even uitlaten en haalt nog twee kaartjes uit de brievenbus. een voor jouw en op de voorkant staat "Melissa God is bij je". en nog een kaart voor ons waarop staat:
Ik laat je vrede na;
Mijn vrede geeft ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan, maak je niet ongerust en verlies de moed niet.
Dat hadden we even nodig, zo aan het einde van deze dag. Het zijn de kleine dingen, maar die op dat moment zo groots kunnen zijn. Een bevestiging dat we het niet alleen hoeven te doen.